Hondengedrag – Rangorde en sociaal gedrag.

Rangorde

Het eerste dat in het oog springt, is het sociale gedrag van wolven. Het zijn roedeldieren, ze leven in groepen, ze jagen samen en voeden hun nakomelingen samen op. Binnen zo’n roedel heerst een rangorde. Iedere wolf neemt een bepaalde unieke rangpositie in. Bij deze rangpositie horen privileges – rechten – maar ook plichten. De rangpositie wordt tijdens iedere ontmoeting tussen twee wolven bevestigd. Beide wolven ‘weten’ hoe ze zich moeten gedragen volgens hun rang. Dit ‘weten’ zit in hun genen, het is aangeboren. Door middel van hun lichaamstaal communiceren ze naar elkaar hun rangpositie, hun onderlinge verhouding. Als iedere wolf in de roedel zich gedraagt naar zijn rangpositie heerst er stabiliteit en duidelijkheid binnen de roedel. Toch is ook iedere wolf bezig om zijn rangpositie te verbeteren wanneer daar gelegenheid voor is. Door externe omstandigheden (nieuwkomers), door de natuurlijke cyclus van de voortplanting of doordat wolven zwakker worden door ziekte en/of ouderdom ontstaat deze gelegenheid en is het gedaan met de stabiliteit binnen de roedel. Met meer of minder agressie komt uiteindelijk weer een nieuwe rangorde tot stand en keert de rust terug.

Dit sociale gedrag heeft onze hond volledig geërfd. Je kunt het goed zien bij de ontmoeting tussen twee honden. Ze draaien om elkaar heen en tasten hun onderlinge rangpositie af.

Hond en mens

Door het lange domesticatieproces is de hond in staat om ook mensen als zijn soortgenoten te beschouwen, mits hij in een cruciale periode van zijn jonge leven (tussen 3 en 8 weken) met mensen in contact is geweest. Een hond vertoont naar mensen toe hetzelfde sociale gedrag als naar andere honden. Dit betekent dat ook wij bij iedere ontmoeting met onze hond datzelfde sociale gedrag moeten laten zien. Alleen dan zal de hond ons begrijpen en op een prettige manier met ons kunnen samenleven.

Rangpositie en privileges

Als we met een hond samenleven, of dit nu alleen is, samen met een partner, of met een gezin met kinderen, de hond moet altijd de laatste plaats in de roedel innemen. Zoals eerder gezegd, horen bij iedere rangpositie bepaalde privileges. Deze privileges kun je opeisen en verdedigen, al dan niet met agressief gedrag. Bij deze privileges kun je denken aan: als eerste naar binnen/buiten gaan, de wandelroute bepalen, beschikken over de beste plek in huis, blijven liggen als er iemand langs wil, indringers/gasten verjagen.

Het is niet wenselijk in onze leefgemeenschap/roedel dat onze hond over deze privileges beschikt. Daarom moet hij de laagste plaats in roedel innemen. Daar komt nog bij dat hogere rangposities een stabiel en sterk karakter vereisen en een bepaalde mate van onafhankelijkheid.

Wie ben ik

Joep de Keyzer
  • Joep de Keyzer

  • Gediplomeerd hondengedragstherapeut
  • Ervaren docent en coach
  • Expert op het terrein van gedragsleer en het natuurlijk gedrag van de hond

Contact

Nieuwsgierig geworden. Heeft u vragen. Of wilt u afspreken? Neem contact op!

  • Praktijk voor hondengedrag Lykeios

  •  Emmastraat 4, 7101 CD Winterswijk
  • Spreekuur Dierenkliniek de Pijp

  •   Ceintuurbaan 199, 1074 CV Amsterdam